location-detail

Steeds meer organisaties willen met inwoners of patiënten samenwerken. Ook de Health Hub Utrecht vindt dit belangrijk. Maar hoe pak je burgerparticipatie eigenlijk aan? En hoe belangrijk vinden organisaties dit nu echt? Willen organisaties hier tijd en geld voor vrijmaken? In een reeks van 3 participatie-ateliers hielpen PGOsupport en Ideate 4 projecten op weg. Eva Vroonland (PGOsupport), Amete van den Berg (Ideate) en Joop Beelen (PGOsupport) kijken op de ateliers terug én werpen een blik vooruit.

“Als een organisatie eenmaal weet dat betrokkenheid van inwoners meerwaarde heeft, wordt participatie steeds vanzelfsprekender”

Eva Vroonland

Amete van den Berg

Joop Beelen

Lessen uit het participatie-atelier

 
1 Maak participatie behapbaar en leuk

“Er bestaan hardnekkige misverstanden over participatie van patiënten en kwetsbare burgers. Dat het duur en moeilijk is bijvoorbeeld. Of dat je alles wat inwoners zeggen ook per se moet gaan doen. Deze misverstanden helpen niet om participatie van de grond te krijgen. In het tweede participatie-atelier hadden we een werkvormencarrousel georganiseerd. Met allerlei verschillende manieren om inwoners te laten participeren. Al snel zagen we het kwartje vallen: participatie hoeft niet heel moeilijk te zijn! En het mag ook leuk zijn! Mensen maken het vaak te groot, ze denken dat ze volledig moeten zijn. Hoe groot of klein je het maakt, hangt af van je doel. Om misverstanden weg te nemen gaan we de komende tijd inspirerende voorbeelden van samenwerking met inwoners delen. Want laten zien wat het oplevert, is de beste manier om de meerwaarde van patiënt- en burgerparticipatie uit te dragen. En de eerste koudwatervrees weg te nemen.”

 

2 Participatie vraagt om inzet van medewerkers, managers en bestuurders

“Alleen voorbeelden en werkvormen delen is natuurlijk niet genoeg. Er is meer nodig dan praktische kennis. Kennis is maar een klein stapje op een lange weg. Minstens zo belangrijk is dat management en bestuur de voorwaarden bieden om patiënt- en burgerparticipatie goed op te zetten. Bestuurders spreken uit dat ze patiënt- of burgerparticipatie belangrijk vinden. Maar ze realiseren zich soms onvoldoende dat er tijd en middelen nodig zijn om hier goed mee aan de slag te gaan. De deelnemers vonden het in ieder geval heel fijn dat ze tijdens de ateliers de tijd hadden om écht aan hun participatievraagstuk te werken. Het participatie-atelier was gericht op uitvoerende medewerkers op projectniveau. Zij kregen leerzame voorbeelden en praktische werkvormen. Maar om participatie echt tot een succes te maken is een belangrijke rol voor managers en bestuur weggelegd: het vrijmaken van menskracht en middelen.”

 

3 Participatie staat nog in de kinderschoenen

“Het participatie-atelier was een mooie manier om met participatie te beginnen. De deelnemers hebben nu zelf ervaren dat patiënt- en burgerparticipatie mogelijk is en wat het hen oplevert. We hopen dat het een stimulans is – voor de deelnemers, hun collega’s, hun organisaties en andere HHU-partners – om vaker inwoners te vragen om te participeren. Want als een organisatie eenmaal weet dat betrokkenheid van inwoners meerwaarde heeft, wordt participatie steeds vanzelfsprekender. En dan worden inwoners in de toekomst hopelijk al in een eerder stadium van een project erbij gevraagd. Nu staat participatie van patiënten en kwetsbare burgers bij veel organisaties echt nog in de kinderschoenen. ‘Dit is echt nieuw voor ons’ is een uitspraak die we vaak horen. Daarom gaan we het thema participatie de komende tijd op allerlei manieren onder de aandacht brengen.”

 

4 Laten we een netwerk opbouwen

“Het liefst willen we regelmatig participatie-ateliers organiseren, om de beweging naar (meer) samenwerking met inwoners voort te zetten. We zagen een mooie kruisbestuiving tussen de deelnemers ontstaan. Ze vonden de uitwisseling met elkaar inspirerend en konden goed verder met hun praktische vragen over participatie. Maar daar hangt wel een kostenplaatje aan. We willen in ieder geval een netwerk opbouwen in de regio. We kijken of we (deels) kunnen aansluiten bij bestaande netwerken. Zoals het kennisplatform Utrecht Sociaal (kUS) en CoSIE, een Europees onderzoeksproject naar co-creatie met burgers. Ook zijn we in gesprek met de Creatieve Coalitie. Dat is een samenwerking van een aantal creatieve bureaus die als coalitie lid zijn van de HHU. Om te kijken of zij kunnen helpen om patiënt- en burgerparticipatie gewoner te maken binnen de HHU. En speciaal voor bestuurder maken we een flyer met aanbevelingen.”

lees hier de andere interviews

HHU UPDATEHET LAATSTE NIEUWS UIT EN ROND HET HEALTH HUB UTRECHT NETWERK

WIL JE OOK OP DE HOOGTE BLIJVEN VAN WAT ER SPEELT BIJ DE HEALTH HUB UTRECHT PARTNERS? ABONNEER JE DAN OP ONZE TWEEWEKELIJKSE NIEUWSBRIEF